De verhalen zijn heel verschillend, maar de positieve dingen lijken op elkaar: de hoop, veerkracht en liefde voor hun kinderen.
Sibel
Onderzoeker
Bedankt voor uw trouwe deelname!
Graag houden we u op de hoogte van het onderzoek. Alle uitkomsten verwachten we als het onderzoek in alledrie de gemeenten is afgelopen. Dat duurt nog even, maar op deze pagina staan persoonlijke verhalen en inzichten die we alvast kunnen delen.
Leest u mee? En wilt u ook een verhaal of ervaring delen, of iets anders? We horen het graag! Iedereen blijft natuurlijk anoniem.
"Ik was verrast hoe verschillend ieders situatie is. Er is niet één beeld van 'iemand in de bijstand'. Sommige mensen hebben vroeger gewerkt, werden ziek en konden niet meer aan de slag. Anderen hebben een opleiding gevolgd, maar kwamen door moeilijke gebeurtenissen in de bijstand."
De verhalen zijn heel verschillend, maar de positieve dingen lijken op elkaar: de hoop, veerkracht en liefde voor hun kinderen.
Vrijwilligerswerk is vaak heel belangrijk – als ik bel voor een afspraak, zeggen ze: ‘dan kan ik niet, want ik ben aan het werk’.
Mensen komen elkaar tegen bij de speeltuin en vertellen: 'Wist je dat je dit kunt aanvragen?' Zo geven ze elkaar tips.
"Na tien jaar in deze sector verbaast het me nog steeds hoeveel verschillende verhalen er zijn. Maar de positieve dingen lijken op elkaar: de veerkracht, de hoop – en vooral de liefde van de deelnemers voor hun kinderen. Dat is voor heel veel mensen de grootste drijfveer."
Iemand werkte al een jaar als vrijwilliger en wilde daarin een opleiding volgen. Via de gemeente bleken alleen korte studies mogelijk. Deze persoon was enorm gemotiveerd, maar de regels maakten de volgende stap niet mogelijk.
Mensen zeggen me: 'Wat moet ik anders? Ik moet toch door.' Dus we maken er het beste van.
Je wilt ook gewoon dat je kind lekker kan buitenspelen, zonder continue stress dat kleding kapotgaat en er geen geld is om het te vervangen.
"Sommige mensen hebben heel zware omstandigheden, maar slaan zich er doorheen. Een deelnemer zorgt al jaren voor zijn chronisch zieke partner en de kinderen. Daardoor kon hij niet blijven werken. Maar wat zegt hij dan? 'Ik kan niet werken, maar daardoor heb ik wél meer tijd met mijn kinderen.'"
Je hoort ook dat mensen hun vrienden niet willen belasten met hun problemen. Dat lijkt me heel zwaar.
Alles wordt alleen maar duurder en onzekerder, vooral brandstof en eten. Mensen willen wel gezond eten, maar een zak friet is goedkoper dan groenten.
Twee vriendinnen vangen elkaars kinderen op, zodat ze allebei een paar uurtjes per week vrij hebben; voor een afspraak bij de huisarts, fysiotherapie of heel even rust.
"Wat mij opvalt is hoe langdurig de problemen zijn. Mensen zitten vaak al lang in een moeilijke situatie. Er komt iets bij – een ziekte, scheiding, pech – en dan wordt het nog lastiger om eruit te komen. Het is een soort doolhof; je doet je best, maar je komt elke keer in een onverwachte gang."
Ook al is rondkomen voor veel gezinnen lastig, ouders doen er alles aan om hun kinderen daar zo min mogelijk van te laten merken. Voor feestdagen sparen ze, zodat hun kind een fijne dag heeft.
De ene deelnemer voelt zich heel goed geholpen door de gemeente. Een ander heeft het gevoel dat er alleen maar controles komen, zonder echte hulp.
Zoveel mensen blijven meedoen aan het onderzoek. We begrijpen dat ze heel graag willen dat er iets verandert voor mensen die van weinig geld moeten leven.
"Mensen maken gebruik van alles, tot het laatste restje. En wat ik ook vaak hoor: ze staan er niet alleen voor. Buren, familieleden, vrienden steunen elkaar en letten een beetje op elkaar. 'Ik heb je een tijdje niet gezien – gaat het goed?'
Een groepje moeders organiseert bijvoorbeeld elke week een gezamenlijk ontbijt. Iedereen neemt na afloop wat eten mee naar huis. De moeders weten precies wie het op dat moment het moeilijkst heeft – en die krijgt wat extra mee. Zo helpen ze elkaar."
Zaanstad deed als eerste mee met het onderzoek, dat startte in het voorjaar van 2024. In december 2026 is het onderzoek afgerond. We kunnen de resultaten pas delen als het ook in Amsterdam is afgelopen. Dus de Zaanse gezinnen hebben wat extra geduld nodig.
Gezinnen
doen mee
Kinderen jonger
dan 10 jaar
Kinderen ouder
dan 10 jaar
Verstuurde cadeaubonnen
Tilburg nam als tweede gemeente deel aan het onderzoek in de zomer 2024. Deelnemers kregen tot en met juli 2026 al 8 vragenlijsten. Kinderen kregen er 4. In april 2027 zal ook in Tilburg het onderzoek afgerond zijn.
Gezinnen
doen mee
Kinderen jonger
dan 10 jaar
Kinderen ouder
dan 10 jaar
Verstuurde cadeaubonnen
Amsterdam startte in het voorjaar 2025 als laatste gemeente met het onderzoek. Deelnemers kregen tot en met juli 2026 al 5 vragenlijsten. De kinderen 3. In het najaar 2026 komen de volgende vragenlijsten.
Gezinnen
doen mee
Kinderen jonger
dan 10 jaar
Kinderen ouder
dan 10 jaar
Verstuurde cadeaubonnen
1.
"Er doen vooral veel alleenstaande ouders mee. Ze hebben zich vaak uit een nare relatie moeten vechten en zichzelf toch staande gehouden."
2.
"Vaak horen we dat kinderen extra zorgvragen hebben, zoals ingewikkelde of blijvende ziektes of aandoeningen,
autismespectrum of ontwikkellingsstoornissen."
"Heel veel mensen zijn eenzaam, en op zoek naar contact met anderen."
"Meerdere mensen in de bijstand waren vroeger ondernemers of komen uit een ondernemersfamilie. Zij willen dit heel graag weer gaan beginnen. Maar daar is geen begeleiding voor."
"Vaak maken ouders gebruik van fondsen zoals Stichting Leergeld voor zwemlessen, hobbies of schoolspullen. Maar ook van bijvoorbeeld Stichting Jarige Job voor verjaardagscadeautjes, of Actie Pepernoot voor pakjesavond."
"Veel mensen kunnen niet meer werken door gezondheidsproblemen."
"Ik hoor verhalen van ouders die zelf een maaltijd overslaan zodat hun kinderen wél kunnen eten."
"Vaak zitten mensen zelf in de bijstand maar hebben hun oudere kinderen een job. Zij helpen dan hun ouders met geldzaken en administratie. Dat geeft de ouders energie en een nieuw geloof in zichzelf: ‘ik kan het ook’."
"Erg veel mensen zeggen dat het lastig is om gezonde boodschappen te doen nu alles zo duur is. En zeker als je een bepaald dieet moet volgen, of voor producten zoals kip en vis."
"Veel ouders maken zich zorgen over geldzaken als hun kinderen 18 jaar worden. Dan stopt de kinderbijslag en het kindgebonden budget. Dit veroorzaakt veel stress."
We hopen hiermee een eerste stap te zetten naar een beleid dat beter past bij wat u en uw gezin nodig hebben.
© 2026 Hogeschool van Amsterdam